Uit het leven gegrepen: de ochtendspits

In navolging van de vorige blog leek me een tekstje uit de oude doos wel gepast. Ook deze blog gaat over het verkeer in en naar Brussel. Eerder verschenen op Netlog op 24 september 2008.

Ik ben nog niet helemaal wakker wanneer ik de trap afloop richting pc. Even snel mailtjes checken, wat tabak gebruiken en dan mijn logge lijf richting douche slepen. Het is weer een typische ochtend vol met gedachten als “nog maar woensdag?” en “ik wil slapen!”. Ook na de iet of wat verkwikkende douche blijven deze gedachten me door het hoofd spoken.

Ik grabbel mijn eten en drinken bij elkaar en kijk snel op de klok. Shit, nu al halfacht… ik moet voortmaken. Nog steeds halfslapend kruip ik achter het stuur. “Als dit maar goed afloopt”, denk ik bij mezelf. Maar onmiddellijk daarna volgt een “ik ben een goeie chauffeur ik ben een goeie chauffeur ik ben een goeie chauffeur”. Gelukkig ben ik niet alleen. Ook Thomas en Linde zitten bij me in de wagen, met altijd gezellige babbeltjes en geregeld toch leuke deuntjes.

Hmm… de file begint vandaag al voor m’n deur. Dat wordt dus weer een gezellige rit. Gelukkig zijn de Vlaamse autobestuurders nog vrij galant. Ik vervoeg me in de lange rij richting E19. Maar daar aangekomen, lijkt er niet veel beterschap in te komen. Voor een keertje eens geen vlot verkeer op de autosnelweg, dat pikt. De galantheid van de medemensen verdwijnt geleidelijkaan samen met de slaap. In de plaats komen gefrustreerde mensen en de vermoeidheid van het wagenrijden.

“Door een ongeval is er op de E19 richting Brussel file van Rumst tot Peutie”, klinkt het via Linde. Dank je wel, jammer dat ik er in Mechelen-Noord al op moet. Dan maar een tweede privé tabak momentje. Je moet toch wat in de file he?

Ronkende motoren, nog een beetje de ochtendschemering (die steeds maar langer blijft duren nu de winter in aantocht is) en overal rode achter- en stoplichten. Een ritueel waar je van moet houden. Ondergetekende moet er nog steeds aan wennen. Ik hou van rondrijden, maar ik heb het liever wat afwisselender.

Goh, Linde had gelijk. Eens Peutie voorbij gaat het ineens veel vlotter. We worden terug een beetje meer wakker. Op richting Brusselse ring en Brussel centrum. Nu kan ik mijn zuiderse hartje eindelijk ophalen. Zoef zoef voorbij alle mensen die denken nog steeds in de file te staan. Linkerrijvak, rechterrijvak, voorsorteervak,… Ik berijd ze alsof ze wilde hindes zijn.

Maar aan de Reyerstunnel stopt de fun. Weer prut prut tot voorbij de Wetstraat. Elke morgen opnieuw weer dezelfde kunstjes bovenhalen om het snelste rijvak eruit te kiezen en jou en je wagen toch maar tussen al die andere wagens te wringen. Gelukkig valt het bumperkleven nogal mee. Hop Wetstraat uit, tunnel in, tunnel uit, straatje in, straatje uit. Nog heel even…

…en dan. Dan kan ik mezelf weer gaan frustreren in het vinden van een parkeerplaats. Maar eerst nog enkele fietsers ontwijken, geagiteerde buschauffeurs toch maar hun voorrang geven en braafjes knappe en minder knappe wandelaars de straat overlaten. Wat ben ik toch een ware gentleman.

Radio wegsteken, derde peukje uit het raam kiepen en sleutel uit het contact. Ik ben er. Alweer een doordeweekse morgenrit overleefd. Ik kijk al uit naar de avondrit in de omgekeerde richting.

Advertenties

~ door danielezeffirelli op 4 oktober, 2008.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

 
%d bloggers liken dit: